We zijn - voor de zoveelste keer, want barbaren zijn een geliefd onderwerp voor zendelingen - afgeschilderd als een stelletje Neanderthalers. Krachtige oermensen bevolken dit gewest [Fryslân] , maar helaas, met geringe geestelijke vermogens. En dat hebben we ook noch eens aan onszelf te danken. Want we geven onze culturele armoede door van generatie op generatie en we zijn te beroerd om er iets aan te doen.
Ziedaar de kern van een onderzoek dat vandaag wordt gepresenteerd op de Fryske Akademy. Nee, de onderzoekers zullen niet worden uitgejoeld en er zal niet worden gedemonstreerd. Want zelfs dat zit niet in onze genen. Maar vervang het woord Friezen in het onderzoek door Marokkanen en de wereld zou van de Grachtengordel tot Casablanca te klein zijn.
Vandaar deze – uiteraard beperkte – poging om toch nog wat in te brengen tegen het imago van Friese achterlijkheid. Dat er hier op bepaalde terreinen sprake is van een achterstand is niet nieuw. Die is er ook in Groningen, Zeeland, Drenthe, de Achterhoek en delen van Limburg. Structurele werkloosheid en armoede hebben niet zo zeer met sociale omstandigheden te maken als wel met ligging. Friesland is nu eenmaal niet het economisch hart van Nederland. Friezen die het goed doen, vertrekken en maken een disproportioneel groot deel uit van de top van de bureaucratie en het bedrijfsleven in dit land en het buitenland. Hun prestaties tellen in dit soort onderzoeken niet mee. Die blijven steken in hutjes op de klei.
En zelfs dat is onzin. Vroeger was er sprake van armoede op de hei en rijkdom op de klei. Verschaf werk op de hei, zoals in de vorige eeuw in Drachten, en de mensen daar zijn wel degelijk ambitieus, willen werken en leren en zijn bereid hun hedonistische levensstijl op te geven. Antropologen zullen zich de ogen uitwrijven dat onze achterstand te wijten is aan het Frysk-eigene, die bijzondere mix van plattelands- en arbeiderscultuur. Hebben ze die dan niet in Groningen, Zeeland of de Achterhoek? Wat van generatie op generatie wordt overgedragen is situationeel bepaald, niet cultureel.
Friesland moet waken voor achterstanden, maar laten we ze niet overdrijven of van een quasi-wetenschappelijke basis voorzien. En laten we vooral de geluksfactor, waarin Friesland hoog scoort, niet over het hoofd zien. Misschien zijn Friezen, om met de gisteren op de voorpagina aangehaalde filosoof Diogenes te spreken, juist wel heel tevreden door bescheidenheid en het onderdrukken van de begeerten.
J. [= Wio Joustra, pleatsferfangend haadredakteur LC]
Boarne: Leeuwarder Courant, 31-03-2007
FFU: Sjoch ek by ‘Poadium 2007’: Efterstân net troch Frysk eigene, 03-04-2007 (P-LC) en Over wat achterstand is, valt nog te twisten, 03-04-2007 (P-LC).