Verouderde kennis , Maart 2007 (P-LTM)
‘... dat feitenkennis tegenwoordig snel veroudert en dat leerlingen het niet alleen daarvan moeten hebben’, Lizzy Tabbers, senior adviseur bij KPC Groep
Bovenstaand citaat komt uit een ingezonden stuk in de Volkskrant van 11 januari 2007 over het Nieuwe Leren met als titel ‘Zelfstandig kind vraagt andere onderwijsvormen’. Te pas en te onpas kom je de uitspraak tegen dat kennis snel veroudert, met name waar het gaat om de noodzaak tot vernieuwing in het onderwijs.
Ik vraag me af wie toch als eerste zoiets raars heeft bedacht? Ik stuit op een mooi voorbeeld. Als ik google op ‘feitenkennis veroudert snel’ kom ik als eerste terecht op een webside met de inaugurele rede van prof. dr. ir. A.K. Bregt uit Wageningen uit 1999. Halverwege het betoog staat ‘feitenkennis veroudert snel’.
Een geschenk uit de hemel (world wide web) voor het onderbouwen van mijn stelling dat het wel meevalt met het snel verouderen van feitenkennis; de regels voor het gebruik van de d en t in het Nederlands zijn al jaren niet veranderd.
Als we kijken naar het leren van een taal, dan kan ik weinig kennis bedenken die veroudert. Bij het leren van je moedertaal of een vreemde taal moet je allereerst weten hoe je de woorden uitspreekt (de klanken), je moet weten hoe je de woorden schrijft en je moet weten wat ze betekenen. Verder moet je weten hoe je woorden kunt combineren tot een betekenisvolle zin. En als laatste heb je allerlei idiomatische uitdrukkingen.
Talen zijn aan verandering onderhevig, maar dat is niet nieuw - dat is een proces dat voortdurend plaatsvindt. Maar die veranderingen zijn niet zodanig dat de taal er compleet door verandert of dat het van invloed is op de feitenkennis.
Er komen nieuwe woorden en uitdrukkingen bij en er gaan wat dingen af, in sommige talen verandert de spelling af en toe (in het Nederlands wat vaker dan in het Engels) - maar dat is meer een kwestie voor de leerboekauteurs en uitgevers.
Om een taal te kunnen spreken / schrijven / lezen moet je dus heel wat feitenkennis hebben. De manier waarop een leerling zich die kennis eigen maakt, kan variëren, maar voor een groot gedeelte is het toch gewoon een kwestie van stampwerk en veel herhalen. Hoe jonger je hiermee begint, hoe beter die kennis blijft hangen.
Als leerlingen een taal slecht beheersen, of het nu Nederlands of een vreemde taal is, is de oorzaak meestal een lagere school waar aan zaken als spelling en ontleden weinig aandacht is besteed, of een gebrekkige start op het voortgezet onderwijs: een docent die vaak ziek was, geen orde kon houden of net begon, een leerling die zelf vaak ziek is geweest of problemen heeft met het leren van een taal waar onvoldoende op is ingespeeld.
Natuurlijk moeten leerlingen zelf iets doen met de taal om ervoor te zorgen dat ze kunnen toepassen wat ze geleerd hebben. Ieder weldenkend mens zal het daarmee eens zijn.
Maar er moet wel eerst een basis worden gelegd voordat leerlingen toe kunnen komen aan toepassen.
Het gevaarlijke van uitspraken als ‘kennis veroudert snel’ is dat het de indruk wekt alsof kennis niet belangrijk is. Het is een verkeerd signaal voor leerlingen die toch al niet zo veel zin hebben om woordjes te leren, want die kun je toch gewoon opzoeken?
Christien van Gool [cmmhvangool@planet.nl]
Boarne: Levende Talen Magazine, 2007, nû. 2, s. 96
Neiskrift FFU:
Sjoch ek by ‘Publikaasjes’, ‘artikels’: BON-Catalogus drogredenen onderwijsvernieuwing.pdf ((27-02-2007). Ien fan de 27 lakreden fan it ‘Nije Learen’ is de sabeare ferâldering fan kennis (lakreden 16). Lit jo dus neat wiismeitsje. Ek wat it Frysk oanbelanget giet de kollum fan frou Van Gool op. En sjoch boppedat by ‘Poadium 2007’: Vraagt het ‘zelfstandige kind’ om andere onderwijsvormen?, 11/17-02-2007 (P-DV), benammen de reaksje fan Thomas H. von der Dunk op de wartaal fan Lizzy Tabbers: ‘Ze weten echt niet waar Polen ligt’.